Berichten van de Wijkraad

HELDERHEID KRIJGEN OVER HET GEDOOGBELEID
 
In september wijdde de Wijkraad een themabespreking aan het onderwerp Handhaving. Jaarlijks wordt de Wijkraad gevraagd advies uit te brengen over het handhavingsprogramma voor het komende jaar. Alhoewel er in de praktijk veel onvrede is bij bewoners over het handhavingsbeleid en de uitvoering daarvan, blijkt het niet eenvoudig te zijn dit om te zetten in een effectief advies. De bedoeling van de themasessie was om voor onszelf meer helderheid te krijgen hoe wij onze rol op dit punt goed kunnen invullen.

 

Diverse personen die betrokken zijn bij handhaving in de gemeente Utrecht waren uitgenodigd om toelichting te geven op hun werkwijze en de manier waarop prioriteiten worden gesteld.

 

Duidelijk werd dat er drie beïnvloedingsmomenten zijn ten aanzien van handhaving:
• bij de vaststelling van beleid (bijv. Integraal Veiligheidsplan, Horecakader);
• bij de vaststelling van de planning (met name het jaarlijks Handhavingsprogramma);
• dagelijkse bijsturing (op basis van meldingen).

 

Voor de Wijkraad betekent dit het volgende.
1. De Wijkraad moet bij haar adviezen over beleidsdocumenten explicieter aandacht besteden aan en vragen naar handhaving.
2. De Wijkraad brengt jaarlijks advies uit over het Handhavingsprogramma en zou daarbij als invalshoeken moeten hanteren:
• zijn onze adviezen m.b.t. de diverse beleidsdocumenten adequaat verwerkt?
• is voldoende rekening gehouden met expliciete signalen uit het afgelopen jaar?
3. De Wijkraad moet bewoners stimuleren om klachten bij de gemeente te melden.


Indien blijkt dat structureel bepaalde klachten niet adequaat afgehandeld worden, dan moet de Wijkraad dit bij de verantwoordelijk wethouder aankaarten.
 

Tijdens de themabijeenkomst bleek verder dat er bij diverse regelingen sprake is van een gedoogbeleid op aspecten van die regeling. Een voorbeeld is het verbod op uitstallingen op het trottoir. Veelal is dit gedoogbeleid een gevolg van besluitvorming in de gemeenteraad. Er bestaat echter geen duidelijk overzicht van de gemaakte gedoogafspraken. Dit is een bizarre situatie en de Wijkraad vindt dit bijzonder ongewenst. De Wijkraad wil daarom een (ongevraagd) advies aan het college van B&W uitbrengen en daarin een opsomming vragen van gedoogafspraken m.b.t. bestaande regelingen. 

 

Wolvenplein
Het voormalige gevangeniscomplex aan het Wolvenplein moet een nieuwe bestemming krijgen. Het complex is eigendom van het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) en komt in de verkoop. Het RVB en de gemeente hebben gezamenlijk een visiedocument opgesteld met eisen en randvoorwaarden voor het toekomstig gebruik. De buurtbewoners hebben inmiddels gereageerd op het visiedocument en ook de Wijkraad heeft advies uitgebracht.

 

De Wijkraad vraagt in het bijzonder aandacht voor de volgende punten.
• Een verkeersluwe bestemming, d.w.z. geen bestemming die meer dan kleinschalige verkeers- en persoonsbewegingen met zich meebrengt en minimaal parkeren op het voorterrein. Ook moet rekening worden gehouden met de ervaringen van de omwonenden betreffende de toegenomen overlast bij het huidige tijdelijke gebruik.
• Een bestemming die het binnenterrein meer toegankelijk maakt, maar dan zonder evenementen- of verblijfsfunctie op het voorterrein. Eventuele reuring moet slechts binnen de muren van het complex plaatsvinden.
• Een mix van functies met in ieder geval woonfunctie, aansluitend bij de huidige bewoning van de buurt.
• Bij inrichting en onderhoud van de buitenruimte inspelen op de visie op de singel als ecologische hoofdroute van de stad.
• Versterking van betrokkenheid van de buurt door een deel van de nieuwe bestemming, bijvoorbeeld een tuin, vorm te geven als participatieproject voor buurtbewoners.

 

Voor het vervolgproces adviseert de wijkraad als volgt.
• Het proces van verkoop kent twee ronden. In de eerste ronde worden de gegadigden geselecteerd die voldoen aan het visiedocument. In de tweede ronde wordt het complex gegund aan de hoogste bieder van de overgebleven gegadigden. De wijkraad beveelt met klem aan hier ook een weging bij te betrekken m.b.t. de mate waarin aan het visiedocument wordt voldaan.
• Bij de voorbereiding van het visiedocument zijn buurtbewoners beperkt betrokken geweest. Bij de voorbereiding van de besluitvorming moeten de opvattingen van de buurtbewoners op een voor ieder inzichtelijke wijze worden betrokken. Een weergave van de reacties van de buurtbewoners dient als bijlage bij het visiedocument te worden gevoegd, zodat geïnteresseerde kopers weten hoe de buurt tegenover de ontwikkelingen staat om daar vervolgens rekening mee te kunnen houden.

 

Toekomst wijkraden
In het Coalitieakkoord staat dat het college van B&W de wijkparticipatie wil vernieuwen en daarbij ook de rol van wijkraden wil betrekken. Men wil inzetten op nieuwe vormen van participatie met meer stad- en buurtgesprekken. Reeds geruime tijd is met het vorige college gesproken over verbetering van de participatie en de rol van wijkraden daarbij. Deze discussie kan en moet worden voortgezet, doch vooruitlopend daarop wordt van het budget van € 250.000 voor de wijkraden nu € 200.000 bestemd voor vernieuwing van de participatie. De armslag van de wijkraden wordt hierdoor in ernstige mate aangetast. Wethouder Anke Klein en de voorzitters van wijkraden zijn op dit moment in overleg over het vervolg. •
 

Geschreven door Bas Savenije, voorzitter wijkraad Binnenstad.
Uit de Binnenstadskrant nummer 5, 2018.

 

Ervaring opdoen met bewonersparticipatie  

Uit de Binnenstadskrant nummer 3, 2018
Geschreven door Bas Savenije, Voorzitter Wijkraad Binnenstad

 

Begin 2017 is de gemeente gestart met vernieuwing van bewonersparticipatie. Wijkraden werden uitgenodigd om bij te dragen door in een vroeg stadium mee te denken over een goede inrichting van het participatieproces. Tien wijkprojecten zouden hiervoor worden opgezet. Dit proces is in december 2017 geëvalueerd door de wijkraadvoorzitters. Hun conclusie is dat dit proces geen succes werd: de keuze van de projecten verliep niet goed, er was onvoldoende tijd voor betrokkenheid van bewoners, de rol van de wijkraden kwam niet uit de verf.

 

Een aantal in goed overleg gekozen concrete proefprojecten kan bijdragen aan een verbetering van het proces, mits de betrokkenheid en inbreng van buurtbewoners wordt vormgegeven op zodanige manier dat er sprake is van gelijkwaardigheid van bewoners, gemeente en eventuele andere (maatschappelijke) partners. Bewoners en wijkraad definiëren dan samen met de gemeente en eventuele andere partners de spelregels en werkwijze.

 
Van belang is dat het hierbij niet gaat om experimenten: er moet daadwerkelijk een resultaat bereikt worden, waarvoor reeds draagvlak bestaat onder de bewoners in de betrokken buurt.


Concreet moet een project voldoen aan de volgende voorwaarden:

•          plaatsvinden in een concreet gebied
•          actueel zijn
•          zijn basis vinden in activiteiten van actieve bewonersgroepen
•          meerdere terreinen van gemeentelijk beleid bestrijken (bijv. handhaving, verkeersveiligheid)

De wijkraad Binnenstad heeft drie projecten genoemd die hieraan voldoen.


Project 1. Mariaplaats
Het betreft het plein aan de achterzijde van het conservatorium, grenzend aan Pandhof Sinte Marie, inclusief de pandhof Sinte Marie, al jaren onderhouden door een groep vrijwilligers. Het plein is een vergeten stuk bij de plannen voor de totale Mariaplaats.


De gemeente is bezig met plannen voor een nieuw hek, met beweegbare delen en een betere aansluiting op de Mariaplaats. Dat zou betekenen dat het plein en de aangrenzende pandhof (tuin) gemakkelijker te bereiken zijn.


De groep die de tuin van de pandhof onderhoudt en een aantal omwonenden hebben een aantal ideeën: bijvoorbeeld vernieuwing van de bestrating, boomkransen en meubilair, het terugbrengen van de plattegrond van de Mariakerk in de bestrating, water op het plein. Ze willen een en ander in eigen beheer realiseren, waarbij de gemeente op gelijkwaardige wijze haar inbreng levert.


Er zal actie ondernomen worden om winkeliers en nog meer omwonenden op allerlei wijzen bij de ideeën te betrekken.

 

Project 2. Moreelse tuinen
Als het meezit kunnen de tienduizend mensen die in de kantoren rond het Moreelsepark werken over een aantal jaren in middagpauze hun boterhammetje buiten opeten in een gezonde, groene omgeving. Het is namelijk de bedoeling dat het gebied tussen Hooch Boulandt en Hoog Catharijne, waarin nu vooral de grote kantoren domineren, weer de basisstructuur krijgt zoals burgemeester Moreelse die in 1664 bedoelde, met gebouwen, omgeven door groen. De plannen van Moreelse bleven lang in de la. Het was burgemeester Van Asch van Wijck die ze er in 1828 uithaalde en architect Zocher opdracht gaf ze verder uit te werken. Langzamerhand werd het gebied toen verder ontwikkeld.

Nu, weer een flinke tijd later, onderzoeken gemeente en rijk samen hoe het gebied aangenamer en milieuvriendelijker kan worden. Het rijk, met het grootste aandeel aan bebouwd oppervlak, wil hier een belangrijke bijdrage aan leveren. Veel kantoren worden gerenoveerd, en daarbij gelden de uitgangspunten energieneutraal, klimaatbestendig en biodivers. Ook het herstel van het laatste stuk gedempte singel betekent een belangrijke verandering in het gebied. Voorwaarde voor het slagen van het plan is ook dat meer werknemers hun auto thuis te laten en met de fiets of het openbaar vervoer komen. Hierdoor ontstaat de benodigde ruimte voor invulling met tuinen.

In fasen
Meer groen is het toverwoord. Er is een schets gemaakt waarin de gebouwen worden omgeven door een tuinenstructuur. De beheerders van de gebouwen en een klankbordgroep, samengesteld uit bewoners in het gebied en leden van groepen die zich inspannen voor de inrichting van het singelgebied, zijn er positief over. Maar er blijven wel belangrijke beslissingen nodig over het (te beperken) autoverkeer over de Catharijnesingel, een eventuele voetgangersbrug over de singel en een nieuwe tunnel onder het spoor door. Uitvoering zal nog wel even op zich laten wachten en zal waarschijnlijk in fasen worden doorgevoerd. Bewoners vinden dat het ontwerp van het stationsplein Zuidzijde aangepast dient te worden op het concept van de Moreelse tuinen. Een groene wandeling vanaf het station naar de Mariaplaats moet mogelijk zijn. Essentieel hierbij is het veranderen van de verkeersstromen.

 

Project 3. Verkeerssituatie Wolvenbuurt
Sinds de gevangenis is verdwenen uit het complex aan het Wolvenplein is een aantal tijdelijke nieuwe functies in het complex ondergebracht. Het wordt duidelijk dat een gewijzigde bestemming, tijdelijk dan wel definitief, een grotere drukte in de buurt met zich meebrengt. Als gevolg van die verandering is er in de buurt en ook bij de gemeente, belangstelling voor de verkeerssituatie in de buurt mede in relatie tot de bereikbaarheid van het complex. De Bewonersgroep Wolvenbuurt heeft een visie (‘Verkeersplan’) geformuleerd waarvoor veel bijval is in de buurt. Belangrijke elementen van het plan zijn:

•          Bereikbaarheid, verkeer, goederenvervoer (minder doorgaand verkeer, geen zware vrachtwagens, goederenvervoer via het water)
•          Veiligheid en handhaving (vermindering overlast bezorgdiensten op fietspad, ruimte en veiligheid voor voetgangers, verbetering bebording)
•          Inrichting publieke ruimte (‘obstakels’ met het oog op snelheidsbeperking, parkeren alleen voor vergunninghouders)

 
De wijkraad heeft de betrokken wethouders voorgesteld hier zo spoedig mogelijk een begin mee te maken. We hebben het plan ook onder de aandacht van de onderhandelaars voor de nieuwe coalitie gebracht.                                

 

______________________________________________

 

Hoe staat het met de bewonersparticipatie in Utrecht!?

 

Geschreven door Bas Savenije, Voorzitter Wijkraad Binnenstad 
Uit de Binnenstadskrant nummer 2, 2018

 

‘Veel gemeenten zoeken naar nieuwe vormen om burgers bij beleid te betrekken’, schrijft de Volkskrant op 8 maart 2018. Ook in Utrecht is dat het geval. ‘De afgelopen vier jaar hebben bij zowel de raad als het college participatie, initiatief en Utrecht maken we samen hoog op de agenda gestaan’, schrijft het college van burgemeester en wethouders op 26 januari 2018 aan de gemeenteraad. De brief wordt als volgt afgesloten: ‘Wij zijn trots op wat we met elkaar hebben bereikt en op de stappen die zijn gezet richting een vernieuwde samenwerking tussen de stad, haar inwoners en de gemeente.’ Is deze trots gepast?


Wat is participatie?
Bij participatie betrekt de gemeente andere partijen, zoals bewoners, bij het plannen en realiseren van veranderingen. Bij bewonersparticipatie gaat het daarbij om de leefbaarheid van de woonomgeving. Van belang is dat de gemeente de andere partijen betrekt op basis van gelijkwaardigheid en dat de werkwijze en de spelregels ook gezamenlijk worden bepaald. Het initiatief tot een concrete verandering hoeft ook zeker niet bij de gemeente zelf te liggen. Bewonersparticipatie is dus meer dan inspraak, waarbij bewoners hun mening kunnen geven over hun onderwerp en de gemeente hen (als het goed is) informeert hoe dit bij de besluitvorming wordt betrokken. En inspraak is weer meer dan communicatie waarbij de gemeente bewoners tijdig en adequaat informeert over hun plannen. De brief van het college gaat niet alleen over participatie, maar ook over vormen van inspraak en communicatie, zoals stadsgesprekken en debatten. Hoe dan ook, er zijn in Utrecht wel degelijk geslaagde voorbeelden van participatie. Veelal betreft dit relatief kleinschalige veranderingen, zoals de verbetering van het hofje Magdalenastraat/Keukenstraat.


De rol van wijkraden
Begin 2017 is de gemeente gestart met vernieuwing van participatie. Wijkraden werden uitgenodigd om bij te dragen door in een vroeg stadium mee te denken over een goede inrichting van het participatieproces. Tien wijkprojecten zouden hiervoor worden opgezet.


Dit proces is in december geëvalueerd door de wijkraadvoorzitters. Hun conclusie is dat dit proces geen succes is geworden: de keuze van de projecten is niet goed verlopen, er was onvoldoende tijd voor betrokkenheid van bewoners, de rol van de wijkraden is niet uit de verf gekomen. Breed was de vraag naar een meer vernieuwende aanpak en aandacht voor de noodzakelijke veranderingen in de gemeentelijke organisatie.


Dit alles zien we niet terug in de hierboven genoemde brief van de gemeente; voor zover deze is gebaseerd op een evaluatie heeft deze buiten de wijkraden en bewoners plaatsgevonden.


Dit is curieus vanwege het onderwerp ‘participatie’, maar ook vanuit de invalshoek inspraak of communicatie zijn hier vragen bij te stellen. 

Hoe nu verder?
Voor een verbetering van het participatieproces is in de eerste plaats een gezamenlijke evaluatie van gemeente, wijkraden en bewoners gewenst. Een aantal in goed overleg gekozen concrete proefprojecten kan vervolgens bijdragen aan een verbetering van het proces. Om een reële kans op succes te hebben moeten deze projecten:

• actueel zijn; 
• zodanig breed zijn dat ze meerdere terreinen van gemeentelijk beleid beslaan (bijv. handhaving, verkeer, veiligheid); 
• plaatsvinden in een concreet gebied; 
• hun basis vinden in activiteiten van actieve bewonersgroepen, die bereid zijn te investeren in het project. De bewoners en de wijkraad definiëren samen met de gemeente en eventuele andere partners de spelregels en werkwijze.


De wijkraad Binnenstad had in 2017 een voorstel voor een participatieproject over de opheffing van straatpaarkeerplaatsen, maar al snel bleek dat dit politiek geheel dichtgetimmerd was. In 2018 wil de wijkraad een nieuwe poging voor een project wagen en een aantal voorstellen hiertoe bespreken. En intussen moet de gemeente natuurlijk de bewoners adequaat betrekken bij de vormgeving van andere, door de gemeente beoogde, concrete veranderingen. Met name de discussie over het horecabeleid, die voor veel beroering heeft gezorgd onder de Binnenstadsbewoners, geeft hiervoor een goed aanknopingspunt. •

 

Zie ook voor een portret van Bas Savenije

http://www.binnenstadskrantutrecht.nl/camera-loopt.html



<< terug naar overzicht