Utrechts straten

Wonen in een monumentje

Elke stad met een béétje historie heeft wel een paar monumenten. Maar Utrecht heeft niet een béétje, maar een bóel geschiedenis. En dus een bóel monumenten. Zo’n 3100 om precies te zijn, rijks- en gemeentemonumenten bij elkaar opgeteld. Lang niet alle monumentale panden hebben rijke bewoners. Verre van dat. In veel huizen wonen mensen met een smalle of gewone beurs. Meestal gaat het om huurhuizen. Soms vallen ze in de categorie ‘sociale sector’. Onze fotograaf Gerard Arninkhof maakte een rondgang langs ‘gewone’ mensen die in een monument wonen. •

Zeven steegjes
Stadsherstel Utrecht is een verhuurder van monumenten. De kale huren beginnen bij ongeveer 550 euro per maand. Voor dat bedrag moet je genoegen nemen met een woonoppervlak van zo’n veertig vierkante meter. De woningen zijn zeer in trek. Het bekendste domein van Stadsherstel zijn de Zeven Steegjes, tussen Oudegracht en Pelmolenweg, bij de Geertekerk. Het complex is gebouwd rond 1860 in opdracht van het RK Armbestuur. Dat was de tijd dat de brouwerij De Boog actief was en ook een nabijgelegen sigarenfabriek. Die hadden werkvolk nodig en dat moest gehuisvest worden. Dus kwamen er grote katholieke gezinnen te wonen. Met soms wel tien kinderen of meer. Allemaal in een piepklein huisje zonder eigen wc of keuken. Een gezamenlijke buitentoilet deed dienst voor de hele straat. Tineke Elders zit in de Lange Rozendaal voor een van de nog resterende 116 inmiddels opgeknapte huisjes. Ze zijn nu allemaal voorzien van een eigen wc en keuken. Zij past op haar kleinkinderen die zich binnen vermaken met spelletjes op de computer. Ze is zeer te spreken over de wijk en roemt de saamhorigheid: ‘Het is hier net een dorp. Iedereen kent elkaar en de mensen leven met elkaar mee. En voor de kinderen is het veilig om buiten te spelen, er rijden hier geen auto’s, maar voor de scooters blijft het wel oppassen geblazen’. •

Zeven steegjes


Fockstraat
De Fockstraat is genoemd naar één van de bouwers van de Zeven Steegjes. Op nummer 15 wonen Sandra Hartog en Remko van Broekhoven. Ze wonen al twaalf jaar in de wijk, samen met dochter Ava. Maar in de Zeven Steegjes ben je na zo veel jaren nog steeds een nieuwkomer. Ze waarderen vooral het wonen op een centrale plek in de stad, weg van de drukte. Weliswaar is het huisje destijds uitgebreid en gemoderniseerd, maar het is nog steeds klein en bovendien gehorig. Ze horen elke voetstap van elkaar. Dochter Ava (rechts) en vriendinnetje Liv hebben daar geen last van als ze tv kijken. En poes Siepie vindt het allemaal best… •

Fockstraat

 
Bruntenhof
Dirk de Roos sleutelt aan de fiets van zijn buurman Willem Uijlenbroek. Beiden wonen in een huisje in de Bruntenhof, dat in 1621 gesticht werd door advocaat Lodewijk Brunt. Het was bestemd voor armlastige katholieken die hier gratis huisvesting, voedsel en brandstof kregen. Zo royaal gaat het er inmiddels niet meer aan toe. Maar Uijlenbroek herinnert zich nog wel de zeer schappelijke huur die hij betaalde toen hij hier zo’n zestig jaar geleden kwam wonen: vier gulden per week! Inmiddels zijn dat honderden euro’s geworden voor de mensen die er al langer wonen. Voor nieuwe huurders zijn de prijzen gestegen tot meer dan 700 euro. En net als Dirk de Roos, die op nummer 6 woont, heb je dan een piepklein huis. Een woonkamer/keuken en sanitair beneden, een slaap/werkkamer op de verdieping. Maar hoe klein het ook is, Dirk de Roos wil er niet weg. Woont er al twintig jaar en is verknocht aan zijn poppenhuis. •

Bruntenhof


Zilverstraat
Het is een huis waarvan de oorsprong teruggaat tot de 14e eeuw. Na een brand in 1538 werd het samen met aanpalende huizen herbouwd en is inmiddels bevorderd tot een ‘pand van architectonisch belang‘. Maar het is opgeknapt, uitgebreid en verfraaid waardoor bijvoorbeeld de 16e-eeuwse balkenlaag verdwenen is achter een eigentijds schrootjes-plafond. Sjaan der Veen woont hier al 55 jaar, jarenlang met haar man en twee kinderen. Sinds ruim drie jaar is ze weduwe en woont alleen. Toen ze er kwam wonen betaalden ze een huur van zeven gulden per week. Dat is inmiddels veel meer. Ze heeft er altijd met plezier gewoond. Ook gedurende de tien jaar dat haar dochter met man en kind bij haar inwoonden. Kon dat wel, in zo’n klein huis? ‘Vroeger waren dit twee woningen, dát was krap’. Nu heeft ze de ruimte, onder meer om alle snuisterijen waar ze aan gehecht is een plek te geven. •

Zilverstraat


Tekst en fotografie door Gerard Arninkhof. 
Uit de Binnenstadskrant nummer 4, 2019.


<< terug naar overzicht