Utrechts straten

‘Een ton overbieden voor een Binnenstadspand is heel gewoon’

3 mei 2021
door Ineke Inklaar

 

Woningen in de Binnenstad gaan voor heel veel geld weg, constateert Luuk Ophoff van Leuk-Makelaars. ‘Een ton overbieden is niet meer bijzonder.’ Dat gebeurt voor een groot deel door beleggers. Hij vindt dat de landelijke politiek moet ingrijpen. 

Ophoff heeft onlangs A.B.C.-straat 6 verkocht voor veel meer dan de vraagprijs. ‘Alle bieders boden meer dan de gevraagde 275.000. De markt is oververhit en de woningnood hoog.’ Mensen die voor het eerst een huis willen kopen, leggen doorgaans dezelfde weg af.

schermABC-straatHet huisje aan de A.B.C.-straat van 37 m2 zonder buitenruimte en met uitzicht op de inrit
van een parkeergarage, is voor veel meer dan de vraagprijs van 275.000 euro verkocht
@Leuk-makelaars.nl

 

Ze beginnen zonder makelaar, bieden net iets onder de vraagprijs. En merken dat ze niet aan de bak komen. Dat gaat een aantal keren mis. Daarna nemen ze een makelaar in de arm die vertelt dat de woningmarkt overspannen is. Ze leren: ze komen er überhaupt niet tussen als ze willen kopen met het recht om de koop te laten afketsen als ze het geld niet rond krijgen (financieringsvoorbehoud). De volgende les: ze moeten fors overbieden. ‘Dat is gevaarlijk. Want als de taxateur het pand op 380.000 euro schat en je koopt het voor 410.000, dan moet je hoe dan ook 30.000 euro zelf al hebben liggen. En de hypotheek wordt dan ook hoog en is gebaseerd op twee inkomens.’
 
Wanhopig
Particuliere kopers zijn geregeld wanhopig, signaleren Luuk en zijn collega’s. ‘Bij een bezichtiging kreeg een collega van mij 5000 euro handje contantje aangeboden als hij zou vertellen wat het hoogste bod was.’ Hij is al 23 jaar makelaar, maar verbaast zich de laatste tijd geregeld over de bedragen die kopers bieden. ‘Recent had ik Singelstraat 34 in de verkoop. Een pand zonder buitenruimte, met een gaskachel en een steile trap, zonder buitenruimte of badkamer. 35 vierkante meter, één slaapkamer. Niet geïsoleerd.  De vraagprijs was 250.000; de koper ging daar fors overheen.’

 

Schermsingelstr15Singelstraat 34 heeft een gaskachel en een steile trap, is niet geïsoleerd. Er is geen buitenruimte
of badkamer. De vraagprijs was 250.000; de koper ging daar fors overheen @Leuk-makelaars.nl

Wie kopen die panden dan toch? Volgens hem is een derde van de kijkers belegger. Die splitst het huis eventueel in appartementen voor 1200+ euro per maand verhuren. ‘Voor hen telt het rendement.’ Een deel gaat wordt gekocht door ouders, die een woning voor studerende zoon- of dochterlief koopt en dan de overige kamers verhuurt aan medestudenten. ‘Ze willen goed doen voor hun kinderen. Door de vele studenten verandert de sfeer in een buurt, maar papa en mama hebben dat niet door want ze wonen hier niet.’
 
Pensioen
De particuliere beleggers vormen een groeiende kopersgroep. ’Vaak zijn dat mensen met een bedrijf in de regio, die met de verhuur hun pensioen veilig willen stellen. Spaarrente is niets tot negatief, dus steken ze hun vermogen in stenen. Bovendien: de inkomsten uit woningverhuur zijn fiscaal interessant.’ Ophoff ziet de gekte in de markt, maar is tegelijkertijd verplicht voor zijn klant het beste eruit te halen. ‘Want de verkoper moet elders ook weer een dure woning kopen. Daarnaast: ik kan de wereld niet verbeteren door de prijs te laten zakken.’ Hij komt wel vaker tegen dat de vertrekkende bewoner bedingt dat zijn huis niet naar een belegger gaat. ‘Bij de Singelstraat was er een paar dat zich voordeed als geïnteresseerde bewoners, maar de auto waarmee ze kwamen vertelde iets anders. En toen we ze natrokken, bleken ze al een miljoenenpand elders te bezitten.’ Helaas - uiteindelijk bieden de beleggers vaak zoveel meer, dat de koper toch overstag gaat.
 
Wat dan?
Ophoff zou de opgaande spiraal graag stopzetten. Daarom wil hij ook niet vertellen hoeveel overboden werd voor de ABC-straat en de Singelstraat. ’Dan gaan mensen denken dat dit normaal is en zich ernaar gedragen. Dat wil ik niet.’ Maar wat dan? ‘De politiek moet – net als voor kopers - een woonquote voor huurders invoeren: regelen welk percentage inkomen naar de huur mag gaan. Dan kunnen de beleggers geen hoge huren meer vragen, worden de panden voor hen oninteressant en stopt het overbieden.’

‘Veel mensen die nu niet kunnen kopen, betalen noodgedwongen een gigantische huur. Zo vloeit geld van minder rijke mensen naar de rijken. Voordeel van regelen is ook dat de huurders meer geld overhouden wat ze kunnen besteden.’ Maar er zijn ook meer woningen nodig. ‘Kleinere units omdat gezinnen kleiner wonen. Dat betekent dat panden moeten worden gesplitst en mensen met minder ruimte genoegen moeten nemen. Bijvoorbeeld met 30 m2 p/p. Even ter vergelijking: in 1900 had één persoon 11 m2 woonruimte, nu is dat 61. De politiek roept: bouwen, bouwen, bouwen. Maar dat duurt jaren, áls de bouwvakkers al gevonden kunnen worden.’•


<< terug naar overzicht