Openhartoperatie geslaagd?

De hoofdrolspelers van het Project Stationsgebied, dat wil zeggen de projectambtenaren onder leiding van B&W en de bazen van Winkelcentrum HC, Jaarbeurs en Spoorwegen (de drie hoofdeigenaren van grond en gebouwen), zijn buitengewoon tevreden over het verloop van het Project tot nu toe. Dat blijkt uit ‘Twintig jaar bouwen aan het Stationsgebied Utrecht’, een tussenbalans, in opdracht van de gemeente geschreven door Ed van Eeden.


De hoofdrolspelers bezingen vooral de voormalige baas van de Projectorganisatie Stationsgebied (POS) Albert Hutschemaekers in alle toonaarden. Dat begint al voor in het boek met een bij zijn afscheid geschreven gedicht waar Ingmar Heytze eindigt met: ‘operatie openhart geslaagd’. Geïnterviewde politici, actievoerders, journalisten en bewoners zijn doorgaans kritischer.
Bijna iedereen is onder de indruk van wat er allemaal verrijst en met elkaar verbonden wordt terwijl de dagelijkse routine van wonen, werken, winkelen en verplaatsen gewoon doorgaat. De lezer raakt onder de indruk van de ingewikkelde opgave om dit ‘grootste stadsvernieuwingsproces van Nederland’ aan te sturen: talloze verschillende en vaak tegenstrijdige belangen, eisen, wensen en ingewikkelde juridische en eigendomsconstructies. Door de lange looptermijn zijn er tijden van wisselende economische voor- en tegenspoed en veranderende opvattingen en toekomstverwachtingen – onder andere over duurzaamheid en fiets- en automobiliteit – waarop ingespeeld moet worden.


Licht in de ogen
Nadat eind jaren tachtig bleek dat het Stationsgebied aan vernieuwing toe was, werd onder de naam Utrechts Centrum Project (UCP) een publiek-privaat partnerschap opgericht dat eind jaren negentig uit elkaar spatte omdat de Jaarbeurs en HC elkaar het licht in de ogen – lees: elkanders winkelnering – niet gunden. In mei 2002 wordt na een initiatief van Leefbaar Utrecht in een referendum met zeventig procent van de stemmen gekozen voor Visie A ‘Stadshart Verruimd’ (veel groen, minder hoogbouw) en gaat het Project Stationsgebied van start. Volgens de voormalige baas van HC, Gerard Groener, kon het Project Stationsgebied een succes worden omdat de gemeente met de eenduidige en bindende referendumuitslag een mandaat in handen kreeg om een strakke regie te voeren. Anders dan zoals bij het UCP, waar alle partners om de tafel zaten, kon de gemeente nu één op één met private partners in zee gaan, en werd het Project in delen en stappen uitgezet. Zo kon er op veranderende en actuele omstandigheden worden ingespeeld.


Successen
Via het nieuwe Stationsplein (met het bollendak) kreeg Utrecht direct toegang tot het station. HC mocht de winkelruimte verdubbelen (van 35.000 naar 70.000 m2) als compensatie voor het contract uit 1964 waarin de gedwongen hoofdtoegang tot het station via het winkelcentrum vastgelegd was. De voorheen zo weerbarstige Jaarbeurs kreeg parkeerruimte aan de overzijde van het Merwedekanaal waardoor de gemeente vanaf 2019, als de pacht afloopt, op de voormalige parkeerterreinen P1 en P3 de ongeveer 3000 woningen van het Beurskwartier kan bouwen. 

Scherm120 Meter singel overkluisd © Kateleine Passchier
120 meter overkluizing (foto: Kateleine Passchier)

 
Van Eeden schrijft dat zijn boek bedoeld is om meningen en niet om feiten weer te geven. Daardoor geeft hij niet alleen een platform aan de hoofdrolspelers om hun eigen succes te bezingen, maar ontbreekt er ook een feitelijk kader waaruit duidelijk wordt dat Visie I (compact, veel hoogbouw) verwezenlijkt is waar in het referendum Visie A gekozen werd, en ontbreekt kritisch doorvragen naar het waarom van het verschil en naar de mogelijkheden alsnog delen uit Visie A te verwezenlijken. De feiten van het referendumblad – niet in de bundel vermeld – staan op internet: onder Visie A wordt een stadshart beschreven dat ‘op sommige plekken [zou doen] denken aan de bestaande stad’, en dat daar beter mee verbonden is, onder meer door een extra stadscorridor na ondertunneling van het Westplein.


Verkeerde gedachte
Wat nu gebouwd wordt, is Visie I: meer hoogbouw (alleen al acht torens van ongeveer negentig meter aan de Jaarbeurskant van het station), 250.000 m2 kantoren en verdubbeling van de winkelruimte. De ‘groene singel’ uit Visie A is onderbroken door een 120 meter brede betonplaat. Wel vindt met meer dan 3000 te bouwen woningen na 2019 in het Beurskwartier een verdubbeling plaats van het aantal uit Visie A, alhoewel het de vraag is hoe betaalbaar ze zullen zijn.

Geïnterviewde stedenbouwkundigen beweren dat Utrechters er ten onrechte van uitgegaan zijn dat ze met Visie A voor een groene variant kozen. Zij geven aan dat alleen bij compacte hoogbouw er veel groene openbare ruimte gecreëerd kan worden. Op een paar ijzerboompjes en wat miezerige plantjes na is er nu nog amper groen te zien. Hopelijk worden de nog te verwezenlijken gebieden van het Stationsgebied (Beurskwartier, Westplein, Smakkelaarsveld en hun verbinding, en de stationstoegang vanaf de Mariaplaats) vergroend op een manier die tegemoetkomt aan de door Utrechters gekozen visie. •

 

Geschreven door Onno Reichwein.
Uit de Binnenstadskrant nummer 4, 2018.


<< terug naar overzicht